Het Parool
27 september 2011
Door Erik Voermans
Magistrale 'Siegfried' in Enschede
Der Ring des Nibelungen bij de Nationale Reisopera is het wonder van Enschede. Ook het derde deel van Wagners tetralogie, Siegfried, dat zondag in premiere ging, was weer van grote pracht. De triomf van een reductief en simpel, maar allesbehalve simplistisch regieconcept van Antony McDonald, een voortreffelijke cast, zeker gezien de financiële mogelijkheden van de Reisopera, en een dirigent die met een provincieorkest een resultaat bereikt dat elk voorstellingsvermogen tart. Dit is opwindende, grootse kunst, waarover nog lang gesproken zal worden, ook al omdat nu al bekend is dat er in 2013, na de Götterdämmerung, het vierde en laatste deel, geen apotheose zal volgen. Door de bezuinigingen van het huidige, kunstvijandige kabinet kan de Reisopera het jaar waarin Wagners tweehonderdste geboortejaar wordt herdacht niet vieren met een integrale Ring-cyclus, op vier achtereenvolgende avonden. De tent moet namelijk goeddeels worden opgedoekt.
Dirigent Ed Spanjaard liet zondag andermaal horen hoe verschrikkelijk spijtig dat is. Meteen al vanaf het Vorspiel tot de eerste akte betoverde hij het publiek met een dynamische muzikale opbouw, een transparantie en een zinderende dramatiek die slechts weinigen in dit repertoire is gegeven. Het Orkest van het Oosten speelde andermaal ongelooflijk goed, met als gevolg dat het publiek meteen al na die eerste akte bijna op de stoelen stond te klappen. Veel eer komt ook regisseur Antony McDonald toe, die er niet alleen in slaagt met minimale middelen het buffo-element in de muziek met veel effect te versterken, maar ook aan het begin van akte drie het ontwaken van Erda, in een Poussinachtig boudoir, buitengewoon poëtisch weet vorm te geven.
De Wagnerliefhebber reize naar Enschede. Daar zal hij genieten van Mati Turi als een geweldige Siegfried, van Harry Peeters als een mooie, kwetsbare Wotan, de oppergod die totaal wordt vernederd, van Judit Németh als een krachtige Brünnhilde, van Adrian Thompson als een komische Mime, van Ceri Williams als een onvergetelijke Erda, van Mika Kares als een fraaie Fafner en van Nicholas Folwell als een heel nare, maar tegelijkertijd deerniswekkende Alberich.
Magistraal. Er is geen ander woord voor.