|
Ludwig van Beethoven (1770-1827) FidelioOper in zwei Aufzügen (1814) op tekst van Joseph Sonnleithner, Stephan von Breuning en Georg Friedrich Treitschke Emanuel Schikaneder, directeur van het Theater an der Wien en Mozarts librettist voor Die Zauberflöte, had Beethoven in 1803 de opdracht verstrekt een opera te schrijven voor zijn theater. Schikaneders secretaris Joseph Sonnleithner raadde Beethoven aan om Leonore, of de echtelijke liefde als basis voor de opera te gebruiken, een toneelstuk van Jean Nicolas Bouilly vol maatschappijkritische elementen. Het verhaal was gebaseerd op een waargebeurd voorval ten tijde van de Franse revolutie toen ‘een heldhaftige dame uit de Touraine, als man verkleed, haar echtgenoot bevrijdde van de zware kwellingen van de Jacobijnse heerschappij.’ De Franse dichter en humanist Romain Rolland schreef: ‘Wat hem uiteindelijk aantrok in Leonore, was de tragische achtergrond waartegen het verhaal zich afspeelde: de revolutie.’ De nieuwe opera, die op 20 november 1805 in première ging, vond bij het toenmalige publiek nauwelijks weerklank. Ook de critici stonden niet positief tegenover het nieuwe werk van Beethoven. Vrienden wisten Beethoven ertoe te bewegen de compositie te bewerken. Op 29 maart 1806 ging de tweede versie onder leiding van de componist zelf in première. Hoewel deze opvoering enthousiast werd ontvangen, klaagde Beethoven zelf over de onacceptabele uitvoering van zijn opera. De componist trok daarop zijn partituur terug. In 1813 zocht het ensemble van de Wiener Hofoper naar een werk dat geschikt was om te worden uitgevoerd als benefietvoorstelling. Men herinnerde zich Beethovens haast vergeten opera en kreeg na lang aandringen toestemming van de meester het werk uit te voeren. Voordat hij het werk aan de Hofoper meegaf, herzag Beethoven zijn opera grondig en gaf hem de nieuwe titel: Fidelio. En zo ging op 23 mei 1814 de derde versie van de opera in Wenen in première. Vanaf dit moment zou het werk zijn unieke positie innemen in de Europese operaliteratuur. Over deze productie schreef de pers in 2002: ‘Een productie die wars is van actualisering en Fidelio met eigentijdse middelen presenteert als tijdloos.’ ‘Met deze productie bewijst de Reisopera opnieuw en met overtuiging een gezelschap te zijn dat tot het beste behoort dat Nederland op het gebied van opera te bieden heeft.’ |
|
|---|---|