|
Trouw Sneeuwwitje kukelt met topzware boezem voorover'Te veel noten, beste Mozart'. Die beruchte observatie van Keizer Joseph II na het horen van Die Entführung aus dem Serail borrelde zaterdagavond in Enschede al snel naar boven. De Nationale Reisopera verzorgde er de wereldpremière van Micha Hamels tragische operette Snow White. En die vele noten kregen gedurende de lange avond gezelschap van te veel scherpe bochten, te veel leutigheid, te veel kleuren, te veel beweging - een teveel aan alles eigenlijk. De wulpse boezem van dit Sneeuwwitje, die ze zelf in de derde akte al zingend bewondert, werd op den duur zo topzwaar dat ze reddeloos voorover kukelde. Voor wie de gedichten van Hamel kent, kwam dit eerste Hameliaanse muziektheaterwerk, waarvoor hij zelf het libretto schreef, waarschijnlijk niet als een verrassing. Ook die poëmen zijn zo volgestouwd met beelden, klanken en woorden dat het de lezer begint te duizelen. Te vol gepropte ADHA-kalkoenen die in de oven uiteindelijk exploderen. Zou iemand tijdens het productieproces van Snow White tegen Hamel gezegd hebben: Kill your darlings? Met flink gebruik van de snoeitang valt er namelijk een hoop te redden. Vooral de anderhalf uur voor de pauze is beurtelings innemend, lachwekkend, verbazingwekkend, grappig, kolderiek, nieuw en geestig. Maar dan is de koek wel op en in de pauze vraag je je bevreesd af hoe het komende uur te doorstaan. En dat lange, lange uur is eigenlijk nogal vervelend. Van het verhaal van Sneeuwwitje en haar zeven Chinees babyvoedsel producerende glazenwassers is dan al bijna niets meer te begrijpen. De president van de Verenigde Staten die in het verhaal rondkruipt zou evengoed Sinterklaas kunnen zijn en zo associeer je er als hulpeloos verveelde toeschouwer maar wat op los. In dat tweede deel zit overigens wel een prachtige, en heuse operettearia als Snow White zingt dat ze met haar lange haar een vlieger zou kunnen oplaten. Waarlijk wufte Weense muziek, op het kitscherige af, maar thuishorend in het genre dat Hamel nieuw leven wilde inblazen. Zijn Snow White lijkt in het eerste deel qua vorm en inhoud verrassend veel op Candide, de komische operette van Leonard Bernstein, waar ook de ene moderne dansmuziek na de andere in voorkomt. Hamel noemt zijn operette tragisch, maar dat neemt niet weg dat habanera, rumba, tango, countrysongs om voorrang strijden en dat het koor zich - net als in Candide - tot de toeschouwers richt met vragen als: 'Denkt u dat het creëren van nieuwe vormen van hysterie een levensvatbare onderneming is voor de kunstenaar van vandaag?' Ik denk het wel. Het productieteam sloeg in elk geval aan op deze operette en Sijm en de zijnen maakten er een bont spektakel van dat in de zaal regelmatig met uitbundig gelach - en aan het slot met gejuich -werd ontvangen. Alle zangers kweten zich met verve van hun soms schier onmogelijke opdrachten. Rebecca von Lipinski verkende in de titelrol met gemak de uitersten van haar stem. Joseph Schlesinger (Paul) en Michael Kraus (Hogo) blonken met krachtige stemmen uit. De zeven glazenwassers vormden een harmonieus en hecht groepje malloten. Maar het was vooral het Nieuw Ensemble, dat onder leiding van de onverstoorbare Ed Spanjaard een baken van rust vormde. Een moderne operette dus, zonder bruisende Sekt, maar met een denderende molotovcocktail waarvan de hoofdpijn heftiger aanvoelde. |
|
|---|---|