Twitter Facebook YouTube
  Language/Sprache
  in English
  auf Deutsch
Der Ring des Nibelungen Muziekkwartier
Achtergrond
 
- +

Jacques Offenbach (1819-1880)

Les contes d’Hoffmann

Opéra Fantastique en cinq actes (1881)
op tekst van Jules Barbier naar het gelijknamige toneelstuk van Jules Barbier en Michel Carré

‘Haast u met het opvoeren van mijn werk. Er rest mij niet veel tijd meer en ik wil in ieder geval de première bijwonen.’ Aldus de meester van de ‘lichte muze’ in een brief aan de directie van de Opéra Comique betreffende zijn grootste wens: een succesvolle opvoering van een echte romantische opera. Les contes d’Hoffmann was niet het enige serieuze operaproject van de uiterst productieve operette-componist maar wel zijn meest ambitieuze.

Op 21 maart 1851 was in het Parijse Théâtre Odéon het gelijknamige toneelstuk van Jules Barbier en Michel Carré in première gegaan. In dit drama werden diverse amusante en fantastische verhalen van de Berlijnse jurist, auteur, componist en tekenaar Ernst Theodor Amadeus Hoffmann met elkaar verweven. De dichter zelf werd als hoofdpersoon ten tonele gevoerd, die ons laat nadenken over de relatie tussen kunst en het leven van alledag. Aldus ontstond een gewaagd meesterwerk dat behalve spannend en grappig ook diepzinnig was en de historische Hoffmann-figuur alle eer aandeed. Of Offenbach ooit een voorstelling van het stuk bijwoonde is niet duidelijk maar op een bepaald moment kocht hij de rechten ervan om het op muziek te kunnen zetten. Hij wist zelfs Barbier zover te krijgen dat deze zijn toneelstuk bewerkte tot operalibretto en in 1877 kon hij met componeren beginnen.

De première op 10 februari 1881 maakte Offenbach niet meer mee. In de nacht van 4 op 5 oktober stierf de toen 61 jarige componist en bleef de partituur van Hoffmann onvoltooid achter op zijn schrijftafel. De erfgenamen gaven Ernest Giraud, die een aantal jaren daarvoor ook Bizets Carmen had voltooid, de opdracht om de partituur klaar te maken voor opvoering. Daarmee werd Offenbachs meest geliefde werk tegelijkertijd ook zijn meest onbekende. In een poging een dramatisch aantrekkelijke opera te scheppen baseerden de meeste muziekuitgeverijen zich niet of nauwelijks op Offenbachs oorspronkelijke ideeën. Tegenwoordig staat de wens om zo getrouw mogelijk de ideeën van de componist te verwezenlijken hoog in het vaandel maar ook met de beste wil ter wereld kan niet meer precies worden nagegaan hoever Offenbach met zijn oerpartituur gekomen was.

Welke versie ook wordt uitgevoerd, het publiek wordt geconfronteerd met de altijd actuele worsteling van de mens met de machine, de kunst, geestverruimende middelen en zijn eigen seksualiteit