|
Benjamin Britten The Turn of the ScrewOpera in a prologue and two acts Iedereen die het gelijknamige verhaal van Henry James, dat aan deze opera ten grondslag ligt, gelezen heeft, zal de gruwelijke atmosfeer nooit meer vergeten. Een gouvernante ontdekt dat de beide weeskinderen die aan haar worden toevertrouwd, gekweld worden door de geesten van haar voorgangster en een kamerdienaar die beiden overleden zijn. Langzaam wordt ze meegesleurd in de wereld waarin haar beschermelingen leven. Steeds wanhopiger probeert ze zichzelf en de kinderen te bevrijden. Maar waarvan eigenlijk? Alles in dit verhaal is vluchtig, vaag en onwerkelijk. Schimmig is ook de relatie die de kinderen hebben met de geesten, een verhouding die steeds intenser en bedreigender wordt. De strijd die de jonge vrouw voert met de geesten, tegen de invloed die zij uitoefenen op de ziel van het meisje en haar broertje, wordt steeds hopelozer en eindigt tenslotte in een catastrofe... Henry James heeft zijn novelle een titel meegegeven uit de mechanica: het draaien van de schroef. Met iedere draai komt de schroef een slag vaster te zitten en nadert hij zijn eindpunt. Dit principe is een metafoor voor het gedrag van mensen, dode of levende, die een fatale relatie met elkaar aangaan. Benjamin Britten heeft dit principe meesterlijk tot klinken gebracht. De in een nachtmerrie-achtige, gespannen atmosfeer gedompelde gebeurtenissen vormen de schakels tussen de uren van wachten terwijl er niets tastbaars gebeurt. Deze schakels werden door de Britse componist op meesterlijke wijze aaneengesmeed tot een fascinerende keten van korte scènes. De handeling schrijdt voort als de grote wijzer van een spookachtige klok die onafwendbaar het hele uur nadert. Britten schreef muziek die streng geconstrueerd en tegelijkertijd ongrijpbaar is. Ze kan het ene moment een situatie zeer realistisch schetsen om deze vervolgens in een magische wereld te plaatsen. Dit meesterwerk blijft voor verschillende uitleg vatbaar, moraliseert niet, neemt geen standpunt in en beslist niet. De amoraliteit van het kunstwerk wordt op deze wijze tot een moraal: het antwoord (als dat er ooit al komt) berust bij de toehoorder. Hij alleen kan het vinden... |
|
|---|---|