|
Trouw 25-3-2005 door Peter van der Lint Opera Gassmann smaakt als goede bubbeltjeswijn'De uitvinding van de opera is ontsproten aan het brein van een of andere demon om de mensheid te geselen.' Kijk, dat zijn nog eens teksten waar je bij haters van het genre mee aan kunt komen. Maar in het Haagse Lucent Danstheater zaten woensdagavond louter liefhebbers die joelden, juichten en schaterlachten om de gein en ongein die Florian Leopold Gassmann in zijn L'opera seria propte. Gassmanns opera uit 1769 maakte dankzij de Nationale Reisopera hun verlate debuut in Nederland en dankzij dirigent Jan Willem de Vriend, regisseur Laurence Dale en puike zangers bruiste dat debuut als bubbeltjeswijn. Geen echte champagne - daarvoor is Gassmanns muziek te vaak onder de Mozart-maat - maar toch zeker een respectabele moscato d'Asü met een zeer prettige afdronk. L'opera seria - een opera over de problemen van het produceren van opera -werd door Rene Jacobs zo'n tien jaar geleden herontdekt. Jacobs' uitvoeringen ervan in Schwetzingen, Inns-brack, Berlijn en Parijs wakkerden de interesse voor de muziek van Gassmann aan. De tekstschrijver van L'opera seria is Ranieri de' Calzabigi, die voor Gluck de operaboeken van Orfeo ed Euridice en 'Alceste' schreef. In zijn voorwoord bij het L'opera seria-tekstboek noteerde De' Calzabigi: 'De handeling kan zich afspelen in elk gewenst theater waar opera's worden opgevoerd.' Regisseur Dale plaatste de handeling in de Parijse Opéra Bastille, samen met de Scala hét theater waar je moet zijn voor sappige schandalen. Dale's mise-en-scène lijkt in haar gecalculeerde chaos op A Night at the Opera van de Marx Brothers. Die figureren zelf niet op het grote televisiescherm dat prominent boven het toneel hangt, maar wel verschijnen daar Flipper en dat andere zwemfenomeen: Esther Williams. Het geeft aan hoe lekker campy Dale en zijn ontwerpersteam te werk zijn gegaan. Als na twee akten getroebleerde voorbereiding eindelijk de opera-in-de-opera opgevoerd wordt, trekt Dale zijn troefkaart. De uitvoering ontspoort op hilarische wijze, alsof er een veelkleurige kauwgum-ballenbom ontploft! De moeders (mannen in travestie) van de drie sopraan-rivales gaan in de zaal zitten en mengen zich luidkeels in het geheel, daarbij de zaal met succes aansporend tot boe-roepen. In de bak speelt het Combattimen- to Consort onder leiding van Jan Willem de Vriend met een vergelijkbare kleurrijke inventiviteit. Dirigent en musici helpen na een ellenlang voorspel een zangeres met de juiste inzet door keihard 'Nu!' te roepen en spelen soms net zo vals als de prima donna zingt. De drie rivales, hun mannelijke moeders en alle andere kwelers op het toneel vormen een fantastisch op elkaar ingespeeld ensemble. Aan alles is af te zien en te horen dat de repetities een feestje moeten zijn geweest. |
|
|---|---|